Kies uw sector uit de 18 sectoren van Bijlage I en II, vul werknemers, omzet, balanstotaal en groepsomzet in, en de check bepaalt uw classificatie — essentiële entiteit, belangrijke entiteit of waarschijnlijk buiten scope — met het wettelijke boetemaximum voor die categorie en een indicatieve bovengrens op basis van de omzet die u invoert.
Twee variabelen bepalen uw classificatie: de bijlage waarin uw sector staat en de omvang van uw organisatie. Een grote onderneming in een Bijlage I-sector is een essentiële entiteit; in een Bijlage II-sector een belangrijke entiteit. Middelgrote organisaties zijn altijd een belangrijke entiteit, ongeacht de bijlage (Art. 3(2)). Micro- en kleine organisaties vallen buiten scope, tenzij ze omvangsonafhankelijk zijn — dan geldt de bijlage weer onverkort.
De drempels worden toegepast precies zoals ze in de brontest staan, inclusief de scherpe randen: “groot” vraagt op de financiële poot dat omzet én balanstotaal beide worden overschreden, en de middelgroottest kijkt helemaal niet naar het balanstotaal. Een organisatie met € 51 mln omzet en € 43 mln balanstotaal komt daardoor uit op middelgroot, niet op groot. Het rapport vermeldt welke regel vuurde, met toolversie en datasetvintage, zodat die uitkomst navolgbaar is in plaats van verrassend.